Samenvatting
Er was eens een oude vrouw die op een plek woonde. Maar deze oude vrouw was altijd in een slechte bui.
Op een dag kwam er een mus in de tuin vliegen en begon te kwetteren. Toen de oude vrouw dat zag, werd ze boos en zei: "Wat een herrie," en ze gooide een bamboestok naar de mus. De mus raakte ernstig gewond aan zijn vleugel en vluchtte naar het huis van de buurvrouw.
De buurvrouw keek naar de mus met vriendelijke ogen en zei: "Oh jeetje, wat is er met je gebeurd?" En de hartelijke buurvrouw zorgde voor de mus. Na een tijdje kwam de verwonding van de mus weer in orde en kon hij weer vliegen.
De mus zei: "Ga terug naar de bergen. Maar ga niet naar de buurvrouw." Een paar dagen later kwam de mus terug en liet een klein kalebasje achter terwijl hij met een schattig stemmetje kwetterde.
De buurvrouw nam de kalebas in haar handen en schudde hem. En wat blijkt, elke keer dat ze schudde kwam er rijst uit! Daardoor had de buurvrouw geen problemen met rijst tot aan haar dood. En zo geschiedde.


















































