Samenvatting
Er was eens, diep in de bergen, een opa en een oma die daar woonden. Op een koude oudejaarsdag besloot de opa hout te gaan verkopen in de stad. Onderweg vond hij zes Jizo-standbeelden die onder de sneeuw bedolven waren. De opa veegde de sneeuw weg en zei tegen de standbeelden:
"Jullie hebben geen hoed en het is koud, hè? Ik zal er een voor jullie kopen in de stad."
Met het beetje geld dat hij verdiende met de verkoop van het hout, kocht hij samen met wat spullen thuis zes hoeden. Op de terugweg zette de opa de hoeden op de hoofdjes van de Jizo-standbeelden.
Toen de opa dit aan de oma vertelde, was ze erg blij.
"Opa, je hebt iets goeds gedaan!"
Die nacht kwam iemand langzaam zangend naar het huis van de opa.
"Waar is het huis van de vriendelijke opa? Bedankt voor het geven van de hoeden."
De stem werd steeds luider totdat deze voor het huis van de opa stond. Toen hij de deur opendeed, stonden er zes zakken rijst voor hem.


















































