Samenvatting
Er was eens een man die werkte in het huis van een rijke familie. Hij werkte hard, maar hij hield ook enorm van alcohol. Op een dag, onderweg naar de buren om een boodschap voor zijn baas te doen, stopte hij altijd bij de theezaak voor een drankje en een middagdutje.
De eigenaresse van de theezaak wekte hem altijd en zei: "Het wordt al donker. Als je niet snel opstaat, wordt je door je baas berispt." Hij antwoordde: "Oh jee, ik ben weer in slaap gevallen." Daarna rende hij snel terug naar de stad.
Op een dag, terwijl hij diep in slaap was, kwamen vervelende kinderen naar hem toe met kaki's. Terwijl ze met de zaden speelden, raakte een zaadje zijn hoofd. Toen begon dat zaadje te groeien, en het groeide snel groter. Hij was blij dat er een kaki-boom op zijn hoofd groeide.
Enkele dagen later, terwijl hij naar de kaki op zijn hoofd wees, vroeg hij aan de eigenaresse: "De kaki is rijp, kun je me niet een drankje laten drinken van deze kaki?" De eigenaresse stemde vrolijk in. Nadat hij had gedronken, viel hij weer in slaap zoals altijd.
Toen kwamen de kinderen weer terug en wilden ze de boom op zijn hoofd afhakken. Omdat hij zo diep sliep, werd de boom omgehakt en bleef er alleen een stronk over. Toen de eigenaresse hem wekte, liepen hij met de stronk op zijn hoofd terug naar de stad.
Enkele dagen later ging hij weer naar de theezaak en vroeg: "Er groeien paddestoelen op de stronk op mijn hoofd. Kun je me niet een drankje laten drinken van die paddestoelen?" De eigenaresse antwoordde: "Dat is goed." Maar terwijl hij sliep, hakten de kinderen de stronk weer weg. En toch bleef hij nog steeds diep in slaap.
Na een tijdje kwam hij met een groot gat in zijn hoofd naar de theezaak. "Er zit eenpaling in het gat op mijn hoofd. Kun je me niet een drankje laten drinken van die paling?" vroeg hij. De eigenaresse stemde weer in, maar de kinderen waren het zat en zeiden: "Wat een hopeloze man!" en gingen weg.
Vanaf dat moment dronk hij telkens een drankje in ruil voor een paling, deed een dutje op de lange bank, werd door de eigenaresse wakker geschud, sprong op en liep terug naar de stad. En ze leefden nog lang en gelukkig.


















































